Stooktips

index_zps4457c47e  shg_4_blumentrog-1_header-gallery_440x330_rdax_90_zpsc4847be3  3849811-droog-hout-stapel-outdoor-achtergrond_zpsa4440dec
Stooktips
Het allerbelangrijkste is dat u ervoor zorgt dat u goed stookhout gebruikt voor de kachel of open haard. Een misverstand is dat er in de zogenaamde ‘allesbrander’ ook andere brandbare spullen gestopt mogen worden. Dit is niet het geval. Enkele tips voor goed stookhout:
  • Het hout moet schoon, droog en onbehandeld zijn.
  • Gekloofd hout brand beter dan rond hout (ideaal is een omvang van ± 15cm. Met lengte ± 30cm).
  • Bewaar het hout op een overdekte plek buiten, waar de wind er doorheen kan waaien.
  • Hout moet minimaal 1 tot 2 jaar gedroogd zijn.
In Nederland is, ten opzichte van omringende landen, geen regelgeving ten aanzien van haardbouw. Het is hierdoor mogelijk dat iedereen een schoorsteen mag bouwen en helaas gaat dit weleens fout. Het is dan ook van groot belang om door een erkende specialist de schoorsteen te laten bouwen. Hierdoor voorkomt u meerdere oorzaken van een schoorsteenbrand.
Enkele tips om schoorsteenbrand te voorkomen:
  • zorg dat de capaciteit van de haard/kachel past bij de ruimte waar hij zal branden.
  • zorg voor een goed rookkanaal.
  • stook uitsluitend droog hout.
  • zorg voor een goede ventilatie/luchttoevoer.
  • stook niet bij mist of windstil weer.
  • doof het vuur niet, laat het vuur vanzelf uitbranden.
  • koop de haard of kachel bij een erkende specialist.
U weet dat u goed stookt als de rook wit of kleurloos is. Mocht u na het lezen van dit stuk nog vragen hebben kunt u bij ons te recht. Door jarenlange ervaring en kennis kunnen wij u adviseren over veilig stoken.
Foto-GHEJOOM6_zpseeb2ec19            tsr_box_houtopslag_1_zpsb94a8eb6
Het aanmaken van het vuur:

Gebruik alleen natuurlijke materialen om het vuur aan te maken, zoals klein hout, berkenschors of natuurlijke aanmaakblokjes.

Stapel losjes, vat kleine stukken in de kachel en plaats op de best plek de aanmaakblokjes en leg daar wat aanmaakhoutje overheen. Het is belangrijk dat de lucht overal goed doorheen kan.

In Europa is het gebruikelijk om het best brandbare materiaal onderaan te leggen en de dikkere houtblokjes bovenaan.In Amerika wordt meer en meer de omgekeerde methode gebruikt omdat deze minder vervuiling voortbrengt. Dit vooral omdat de opwarming van dikkere stukken hout door kleine vlammen eronder het vrijstellen van vluchtige hout bestandsdelen veroorzaakt.
De Amerikaanse methode vraagt wel meer geduld.

Pak bij het aanmaken de kachel of haard niet te vol. Begin met een klein fel vuurtje en bouw dat op naar ongeveer 2/3 van de ruimte. Zorg zeker in het begin voor voldoende lucht ( trek ) zet zo nodig de kacheldeur op een kiertje. Hoe sneller het rookkanaal warm is hoe beter.

aanmaken_zpsf59f755f woodburnin-stove_zps7f99e96b 002_zps17adaf22

Het vuur op gang houden en controleren:

Wanneer het vuur echt goed brandt kan je de luchttoevoer wat verminderen, omdat teveel lucht de verbrandingstemperatuur omlaag haalt. Bij accumulerende houtkachels die nog warm stonden kan dit meestal al na 5 minuten. Voor veel andere kachels wacht je ongeveer 15 tot 30 minuten.

In een open haard is af en toe een blokje erbij de beste stookmethode, al maakt het een open haard nooit ecologisch verantwoord.

In kachels of haarden met deur best nieuw hout bijvullen wanneer de vorige lading half is opgebrand. Dus niet wachten tot alleen hete kolen overblijven. En de kachel nooit voor meer dan 2/3 vullen.

Nooit brandende houtskool door een rooster proberen duwen. Alleen as verwijderen wanneer je de indruk hebt dat het rooster te verstopt zit.
Dampende of rokende blokken zijn te ver van het vuurcentrum verwijderd of krijgen te weinig lucht. Bij kachels en haarden met deur is het evenwel af te raden voortdurend in het vuur te poken. Het openen van de deur koelt het vuur immers af.

Een goede manier om de verbranding te controleren is even buiten naar de rook die uit de schoorsteen komt te kijken. Als het donker is kan dat natuurlijk niet echt..
Lichtgrijze rook wijst op een goede verbranding en bestaat vooral uit waterdamp. Donkergrijze tot zwarte rook wijst op een teveel aan onverbrande deeltjes!

* Een thermometer in/op de schoorsteen kan zeer handig zijn om na te gaan of er niet teveel warmte-verlies optreedt. De temperatuur van rookgassen die de schoorsteen ingaan moet minimaal 180 tot 200 °C bedragen, anders wordt het risico op condensatie in de schoorsteen te groot. Elke verbranding, ook bij een nagenoeg droge brandstof zoals aardgas, produceert belangrijke hoeveelheden waterdamp. Het is dan ook vooral voor gemetselde schoorstenen ook belangrijk deze goed warm ( dus droog ) te stoken.

Uit laten gaan, doven:
Wanneer het vuur moet doven is het belangrijk niet de luchttoevoer volledig af te sluiten. Schuif gewoon de smeulende delen bij elkaar.